Thursday, April 21, 2011

Life's A Beach!


Tijd om mezelf nog eens op de vingers te tikken omdat ik mijn blog zo lang laat liggen. Foei!
Sinds de epieke Sydney-toeren in februari zijn er niet al te veel verre reizen meer geweest en heeft mijn leven zich voornamelijk afgespeeld in good ol’ Busso. But where would you rather be? Zomer was na mijn terugkomst nog volop aan de gang en na een dike maand ononderbroken zon was ik bijna vergeten hoe wolken er in feite uitzien. Voor wie het zich afvraagt: ja, Geoff is nu een echte blackboy. Soms waren de temperaturen zelfs iets over the top. Wat doe je daaraan? Strand, strand en nog is strand is de oplossing! Dat kwam nu net goed uit want mijn bed was nog steeds op 30m van de oceaan. In’t weekend brachten de buren soms hun jetski naar buiten om te wakeboarden, ging ik surfen, “scurfen” op een bodyboard aan de rand van het water achter de 4x4 van een mate, snorkelen of springen van de Busselton jetty, de langste (2km) stijger/aanlegplaats van het zuidelijk halfrond.
1m lange sepia en Geoff in de achtergrond.
En dan heb ik het nog niet over school. Dit jaar ben ik ingeschreven in de Marine Course, een richting die in de verste verte niet in de buurt komt van mijn Belgische definitie van “les volgen”. Minstens 2 dagen per week zijn we op het strand en als we dan toch in een klaslokaal zitten is het voor engels, heel basic marine science, of woodwork, waar ik mezelf een fancy boomerang aan het vervaardigen ben. Merk op: geen wiskunde! De marine boys zijn plezante mannen maar niet bepaald harde werkers. Niet dat mij dat stoort, ik heb mijn diploma al op zak. Wat doen we dan zoal op het strand? Snorkelen, onderwater fotografie, reddingstechnieken, surf en... scuba dive :D Daar had ik lang op gewacht. In totaal heb ik nu 7 duiken in Australie, met of zonder school. De meeste waren rond de pilaren van de jetty, maar ook op een rif voor de kust met prachtige vissen, roggen en grote sepia’s, en dan best van al: de HMS Swan. Dat was vroeger een top oorlogsschip, nu een top duikplaats. Je kunt er samen met scholen vissen van alle soorten zweven door de gangen, kokpit, machinekamers en zelfs door de schoorsteen. Een surrealistisch gevoel voor wie nog nooit op een wrak gedoken heeft. Ik had braaf mijn duiklamp mee, maar wist niet wat mij overkwam toen het op 32m diep nog klaarlichte dag was en ik de boot kon zien dobberen. Joenges ik ga echt nooit meer in de ijskoude oosterschelde willen duiken, waar je geen hand voor ogen kan zien...
Ik kan dus veilig zeggen dat ik heel de zomer zowat elke dag op het strand geleefd heb. Hard leven, jazeker...
Kelly Slater (US) 10xASP world champion and surf god
We zijn, nog steeds met school, naar de Margaret River Pro surf comp gaan kijken, waar 26 van de world top 32 surfers golfkes zijn komen placeren. Noem ze trouwens maar golfozaurussen, want op een van de dagen gingen ze tot 5m! Met zo’n world class event in de regio is het duidelijk dat surf cultuur hier de plak zwaait. En jawel ik mocht voor de gelegenheid de zoomlens nog eens lenen! (zie rechts)
Ook mijn drang naar concertjes is aan zijn trekken gekomen. Op 7 maart zijn we met mijne Zweedse bro Henrik voor de zoveelste keer naar Perth getrokken, dit keer voor SOUNDWAVE festival, de graspop van het zuidlijk halfrond waar ik al zo lang naar had uitgekeken. The line up was to die for, letterlijk. Na 12u quasi non stop rondspringen/headbangen/whatever waren we gelukzalig, maar konden we even goed op onze benen staan als de kangoeroes langs de rand van de weg tussen Perth en Busso.
In het relaas van mijn avonturen mag ik uiteraard de exchange kids niet vergeten: onze groep is nu hechter dan ooit. 3 weken terug zijn we allemaal nog eens samengekomen voor de poepchique jaarlijkse WA Rotary Conferentie die op zich vrij saai was, maar niet met ons erbij! Onze taak was elk onze nationale vlag naar voren te dragen tijdens de openingsceremonie en, zoals altijd, onze mooiste glimlach opzetten. Zaterdagavond was er een “pirate” theme party georganiseerd met ’60 en ’70 muziek (tja, de gemiddelde leeftijd van Rotarians is 65) die verrassend plezant was. Arrrrh, matey!
And mister Belgium is... Geoffroy Damant!
Met de exchange students verveel je je nooit. Dat werd de volgende woensdag nog eens bevestigd toen we met z’n allen vertrokken op een georganiseerde zeildag naar Carnac island, in feite een uit de kluiten gewassen rots voor de kust van Perth. Zon, Check. Mates, Check. Beach, Check. Good mood, Check. Sound system on boat, Check. Wat wil je nog meer om gelukkig te zijn? Zeeleeuwen, natuurlijk! Die lagen daar zomaar op het strand te chillen en kwamen rond ons zwemmen. Na een massagesessie op het dek en het verkennen van een onderwater grot, klommen we weer aan boord voor een kleine party op de terugweg. Classic times.
Tijdens die zomerse maanden die ik doorbracht bij de supah Faithfulls in hun supah huis op het strand was ik zorgeloos en wildenthousiast over de hele uitwisseling. Maar aan alle mooie tijden komt een eind, ik moest verder naar mijn 4e gastgezin en terwijl ik met een lang gezicht mijn zakken pakte besloot de zomer het ook af te trappen. Met het einde in zicht is het grijzere weer teruggekomen heb ik aan grijzere dingen moeten denken zoals mijn vlucht terug, verdere plannen voor mijn studies, kot etc. Het is alsof mijn hoofd al terug vertrokken is maar onderweg uit de vlieger is gevallen. Nu hangt het ergens tussen de continenten boven de ocean te zweven.
Het nieuwe, tijdelijke gastgezin was desalniettemin een big WIN. De hostdad Ray Gannaway is een hylarische kerel, maar ook de eigenaar van een reisagantschap. En daaruit volgt de laatste anecdote die mij is overkomen: Hij heeft me voorgesteld om gratis mee te gaan op een 4 daagse toer rond de rivieren van het zuidwesten. Al wat ik moest doen was helpen met de baggage. Geoff = keen! Hij voegde eraan toe: “De rest van de staff bestaat uit 2 charmante jongedames waarmee je de kamer zult moeten delen. Ze zijn 19 en 21.” Grapjas. Ik was de enige in de bus onder 65. En dat was meteen de reden waarom ze iemand nodig hadden voor de baggage. Maar dat kamer delen met de staff meende hij wel! Ik heb dus geslapen met 2 oma’s die ik niet kende. Yeehaa! De oudjes op de bus waren wel grappig en ze vonden mijn jong gezelschap precies wel heel aangenaam... Ach ja het was weer eens een andere ervaring en best kewl dat ik nog eens een deel van het land te zien kreeg. Tanks Rayman! We hebben cruises gedaan op 3 verschillende rivieren waaronder de Walpole inlet met de legendarische Gary Muir die ik al op Safari had leren kennen. Die figuur verdient een blogpost op zich, maar in’t kort: hij is een van de meest originele, boeiende en interessante mensen die ik ooit heb ontmoet. Hij was blij me terug te zien en na de cruise heeft hij mij meegenomen om te gaan kayakken bij zonsondergang op een heel speciale plek die weinig mensen kennen, op een afgelegen rivier midden in een ongerept bos van gigantische Karri bomen. ‘s nachts ontstond er bioluminescentie en het water rondom de kayaks begon te glitteren. Pure magic! Ik verwachtte elk moment feetjes en kabouters te zien verschijnen... Classic night. Binnen 2 weken ga ik hem weer bezoeken.
Ondertussen ben ik weer verhuisd naar mijn 5e gastgezin en ben ik verhuizen kotsbeu. Elke keer de huisregels en gewoontes leren, je aanpassen, levensverhaal vertellen... Deze mensen zijn vrij conservatief in hun ideeen maar wel vriendelijk. Enfin ik ga eigenlijk niet vel tijd met hen doorbrengen want mijn dagen zijn geteld en de tijd die me resteert, is goed gevuld! Zo vertrek ik morgen voor het volgende hoofdstuk van mijn exchange: De reis op... de Leeuwin.
To be continued...

Saturday, March 5, 2011

The Sydney Odissey

Op 3 februari 2011 ging een 5000km lange ontdekkingsreis van start doorheen een continent van barre wildernis en ruwe omstandigheden, die het overlevingsinstinct van 7 stoere jongemannen, gekomen van over de 7 zeeen, bikkelhard op de proef zou stellen. Bloeddorstige, ronduppende wezens met lange staarten lagen steeds op de loer. Het internationale gezelschap ging onverschrokken de uitdaging aan, kin hoog en borst vooruit. Het zou de langste, barste en meest uitdagende expeditie worden in de geschiedenis van de mensheid...(of toch van deze 7 jonge mensenleventjes) 
Hier volgt het relaas van hun heldhaftige onderneming.

Toegegeven, het begon niet al te heldhaftig: De heenweg van de expeditie was over na een dikke 4uur op ons gat zitten met Virgin Airways. (De heldhaftige toon zullen we dan ook maar even achterwegen laten) Swat, de Harbour Bridge en CBD van Sydney verscheen door de wolken, en we konden moelijk op onze stoel blijven zitten. Aankomen in het hotel kan al meer een avontuur genoemd worden... Hotel is trouwens een overstatement. We hadden zowat het cheapste hol van de stad gebooked, tussen een adult shop en een liquor store, op de rand van Chinatown. Wat ons meer uitmaakte was het feit dat er bij 36 graden geen airco aanwezig was en de vochtige warmte heel de nacht tussen de muren bleef steken. Dat gaf ons meteen een geldige reden om die nacht niet te slapen! Opgewonden als springkonijnen trokken we de eerste avond dus de stad in.

Misschien eerst een woordje uitleg bij die "wij". Het betrof exchange students Victor (Brasil), Henrik (Sweden),  Miro aka Finny (Finland), Robin aka Batman (Deutschland), Oli (Belgique), Geoff (Belgie) en niet te vergeten onze oppasser aka held van de trip aka Loyd (...Australia). Het verhaal van deze ouwe rakker -- "old fart" naar eigen zeggen -- is dat hij patron is van een busmaatschappij in WA en via Rotary in contact staat met de exchange students. Om de zoveel tijd voegt hij een nieuwe bus toe aan zijn vloot die hij op de oostkust koopt wegens lagere prijzen. Elke keer neemt hij dan een aantal exchange kerels mee -- barre expedities zijn niks voor meisjes ;) -- voor 4 dagen Sydney, trein naar Macksville waar hij de bus oppikt, en dan busrit terug naar Perth. Ik had dit hogerop al kunnen vermelden, maar de heroische intro klonk beter.


In elk geval werd het donker over New South Wales, tijd voor al dat volk om de stad in te trekken! Na een flinke wandeltocht besloten we een stuk gras onder de wereldberoemde Harbour Bridge te herdopen tot onze chillspot. Het duurde even voor het tot ons doordrong dat we echt in Sydney waren, chilling met zich op de stad en de Opera House. Ik begon spontaan "Under The Bridge" - RHCP te fluiten :) De nacht was ondertussen al goed gevorderd dus zijn we ineens nog wat blijven rondhangen voor een van de beste shows van ons leven, zonsopgang over de Sydney Opera House. Op dag 2 -- lees: het vervolg van dag 1 -- ging het verkennen verder onder de blakende zon: aquarium, harbour cruise en bondi beach kregen onze dag goed gevuld. Dit strand had trouwens niks speciaals voor wie van WA komt, buiten de hoge concentraties mooi gevormde vrouwenlichamen. Daarna hadden we afspraak met een paar exchange student collega's van de oostkust om on verder wegwijs te maken. Dat viel allemaal goed mee en uiteindelijk gingen we, jawel, slapen. Dag 3 hield veel klimmen in: naar de top van de Habrour Bridge en tot op de 300m hoge Sydney Tower (daar was gelukkig wel een lift). 's Avonds zijn we binnengevallen bij een sympathieke Fin die we de vorige dag hadden ontmoet om waterpolo te spelen in zijn zwembad. Daarna richting DE chillspot voor nachtje door nummer 2. Een snood plan had namelijk die avond in mijn brein gebroed toen ik een trein uurrooster bekeek. We wilden al lang naar de Blue Mountains gaan, een gigantisch natuurpark op 2 uur van Sydney waarvan ik na opzoeking wist dat het spectaculair was, maar tijdsnood ging dat plan de nek omwringen als we niet hadden ingegrepen. Ik zag dat de eerste trein om 3uur 's morgends reed en een kwaadaardige grijns verscheen op mijn gezicht, zoals gewoonlijk wanneer ik een duivels plan uitbroed >:) Eerlijk gezegd, het had even goed een flop kunnen worden maar na wat overtuigwerk zijn we dus met z'n allen om 3AM de trein opgesjaggerd. En jawel, zelfs de sceptici onder ons hadden geen second spijt van om 5.30 een zonsopgang te aanschouwen, zo mogelijk nog spectaculairder dan die van dag 1,5!! Op dat uur was er geen enkele toerist wakker, het was enkel ons, zicht op het beboste ravijn, de stilte, de internationale vrede en liefde :) Dan zijn we de cliff afgedaald tot onderaan de fantastische Wentworth Falls. Landschappen die je in de verste verte bij ons niet te zien krijgt...


Bros on top of the Wentworth Falls


sunrise at the 3 sisters, icon of NSW




De Sydney-adrenaline had mij de laatste 3 dagen op de been gehouden maar op de trein terug zakte ik dan toch ineen. Maarrr het was de laatste dag in Sydney en ik moest nog steeds Chinatown van haar vuurwerk en souvenirs leegplunderen, dus ik vermande mezelf en trok erop uit. Een paar uur en 70$ verder plofte ik gelukzalig neer op mijn bed in het ho(te)l. (hoewel ietwat misnoegd: wie had er gedacht dat er in Chinatown midden in Chinees nieuwjaar geen enkel staafke vuurwerk te vinden was??? Het is weer eens bevestigd dat in Oz veiligheid issue #1 is en ze daarvoor duzend strenge wetten in plaats hebben.) Verder hadden we een vrij rustige avond zonder al teveel verhalen in het hotel... enkele uurtjes rust tot we er om 5AM weer uit moesten om definitief Sydney vaarwel te wuiven.

8 uur trein en slaapachterstand-inhaling leidde ons naar een nieuw hoogtepunt in onze reis, Macksville.
Daar stond ons voor het station een glimmend nieuwe, knaloranje schoolbus te wachten die ons thuis zou zijn voor de komende week. Let's hit the road, Jack! First stop: shopping. Weer dolopgewonden voor het nieuwe avontuur "dartelden we door de supermarkt met bloemen in ons haar". Kussens, campinggaz, kookshit, soccer ball, muug schranz en 2 bakken 100% rotary approved & supervised beer. Eenmaal deze levensmiddelen ingeslagen gingen we op naar een week kapmeren in de bush met een bus vol stinkende droezen. Let's go... Into The Wild.
Na veel zagen hebben we ook een omweg van Lloydie kunnen bekomen, want een snelle blik op de kaart gaf ons reden genoeg om dat ommetje te maken langs het Noorden. First dinner was op een verlaten strand ergens in noord NSW, en daar ging onze eerste toast op wat we net hadden herdoopt tot de Magic Bus. De volgende morgend bracht die Magic Bus ons naar haar eerste verrassing: Nimbin. Klein dorp met grote naam, Nimbin is de hippie capital van het zuidelijk halfrond. Flower power busjes in de straat, harige jaren-70 geklede venten en winkels als "Happy High Herbs", "Bringabong Store" of "Rainbow Cafe" maakten het plaatje kompleet.
Terwijl mijn hart sneller begon te slaan volgden we een kronkelweggetje door de subtropisch beboste heuvels richting die fantasitsche plek waar ik zo veel over gezien en opgezocht heb, en waar ik zo graag heen wilde na ze te hebben gezien in de documentaire van een van mijn favoriete groepen... Byron Bay. Wat we zagen oversteeg mijn verwachtingen: de aangename mid-sized town, de prachtige surfstranden en nationale parken had ik al gezien, maar de relaxe Aussie permanent holiday-sfeer maakte dat ik er echt niet weg wou... en toch moesten we na een paar uur al door want Lloydie wou zijn bus terug zien te krijgen. Hoewel heel rustig is Byron Bay toch dichtbij Surfers Paradise, DE Aussie feeststad bij uitstek (en bij Nimbin, HET Aussie hippiedorp >> meer reden nodig om er te wonen??) die voor de gelegenheid onze eerste stop werd in de staat Queensland. Ze hebben daar al wat je je maar kunt inbeelden om plezier te maken, van tientallen km surf tot pretparken, clubs, casinos en prachtige natuur. Een jonge kerel die reclame maakte voor een "club hop tour" vertelde dat hij zelfs vanuit Melbourne was verhuisd voor het nachtleven. Met pijn in ons hart zeiden we hem dat we meteen weg moesten, hoewel we eerst nog overwogen Lloyd te gijzelen onderin de bus. We deden er tenslotte goed aan hem heel te laten, want die avond bracht hij ons naar een nationaal park op de top van een stijlere heuvel waar we een spectaculaire zonsdondergang kregen en een nog spectaculairdere sterrenhemel in onze slaapzak tussen de vleermuizen, reuzenpdadden en bloedzuigers.

Van daaruit ging de route min of meer recht westwaarts. Na onze kronkel in Queensland waren we snel terug in NSW. De afstanden werden steeds langer, de vegetatie steeds droger hoewel tijdelijk abnormaal groen door de overstromingen. Om ons bezig te houden in de bus vonden we een nieuwe hobby: pranking! Finny werd uitgeroepen tot king prankster en het duurde niet lang vooraleer geen enkele slaper nog veilig was voor stift, tandpasta, scheerschuim of waterballonnen. Er moest ook veel beenhaar aan geloven.
De high tech bus had ook een stevige audio & video intallatie die er een uitstekende partybus van had kunnen maken, zij het niet dat er al gauw alleen struiken en kangoeroes waren om mee te feesten. Af en toe hadden we onze eigen geimproviseerde party on the move, want de schoolbus was ruim en comfy voor 8 man. We zagen eerst Into The Wild, een gevaarlijk inspirerende film, en later o.a. Brokeback Mountain. Wie deze heeft gezien weet dat het geen goed idee is die te bekijken met 8 venten die voor een week samen in een bus leven.

Tekenen van mensheid verdwenen een voor een en we begonnen de immense leegheid van het continent te beseffen. Op dag 5 staken we over naar South Australia en zagen opnieuw wat je een stad zou kunnen noemen, Port Augusta. Maar daarna was het definitief gedaan voor 1500km! Heel het stuk van daar tot halfweg in WA heet de Nullarbor plain (latinistjes, null-arbor = geen bomen) en dat is ook ongeveer alles wat erover te zeggen valt: een gigantische vlakte met alleen kleine struikjes en om de paar honderd km een tankstation. Ze hebben er trouwens het langste stuk rechte weg van de wereld. Nochtans is het daar dat ik een van de meest troosteloze en merkwaardige zichten van mijn leven kreeg (ja, veel mooie zichten die reis): de eindeloze vlakke zee van struikjes stort zonder waarschuwing zo'n 100m recht de Antarctische Oceaan in.  Nothingness suddently breaking off into.. even more nothingness. Incredible.
Als onze oude Galileo er niet geweest was zou ik beslist gezegd hebben dat die plek het eind van de wereld is. Een eind verder, net voorbij de grens met WA, vonden we een zeldzaam teken van beschaving: de ruine van een telegraph station. Op het meest verlaten strand dat je je kunt inbeelden rees uit het niets een vervallen houten ponton op. Alleen zeemeeuwen, klotsende golven en je gedachten zijn er als gezelschap. Een ontroerend zicht waar ik spontaan poetisch van werd. Verder was het laatste merkwaardig natuurlijk verschijnsel dat we zagen was Wave Rock, een gigantische rots die door het weer is uitgesleten tot een perfecte surfgolf.


Warning: Naked Balgians next 79km

Er volgden nog 2 dagen min of meer dunbevolkte weg met hier en daar scenic stops en veel geprank in de bus toen we met tegenzin het einde zagen naderen. We hadden de smaak van de wildernis te pakken en de maatschappij werd niet al te veel gemist door de jongens die ondertussen goeie maatjes waren. Het was een trip of a lifetime en het einde ervan maakte ons bijna snotteren. Maar niks aan te doen, na een laatste dag eindeloze weg klommen we over de heuvels.





Daar lag voor ons opnieuw de Indische Oceaan... en de skyline van Perth.
Loneliness Shared: the abandonned Nullarbor jetty


Friday, January 28, 2011

Summer in Oz

2011 is al een maand bezig en ik update nu pas mijn blog, foei. Voor het nieuwe jaar wens ik jullie dus alvast, beste lezers, veel leesplezier.

Wat roept januari op bij de doorsnee Europeaan? Koud, donker, terug naar school/examens/werk, saai, jakkes. Wel, in zwembroek en van op mijn balkon kan ik jullie verzekeren dat het er hier anders aan toe gaat! De week na mijn laatste post is zomervakantie begonnen, en die eindigt na het weekend. Dus 6 weken zon, zee en strand! voor mij wordt het nog wat verlengt, maar daar komen we later op terug. First major event: Change of host families and town. Ik stond niet bepaald te springen om Dusnborough in te ruilen voor Busselton, omdat het strand er relatief saai en golfloos is. De nieuwe familie, Ollie & Marion Behiels, woont wel op 20meter van dat strand, wat mijn glimlach meteen terugbracht. Het zijn vriendelijke mensen en er was niks om over te klagen, maar om een of andere reden had ik gewoon niet veel tegen hen te vertellen...Anyways, ondertussen ben ik opnieuw verhuisd. (voor wie het zich afvraagt: ik werd nergens buiten gesmeten ofzo. Het staat gewoon op papier dat ik 4 gastfamilies heb) Hoe goed de vorigen ook hun best deden, weinig gastfamilies kunnen rivaliseren met de awesomeness van Anne & Barry Faithfull. Ze wonen ook in Busso en ook op het strand. Hun huis is niet alleen enorm maar ook enorm smaakvol en gezellig, er zijn geen buren maar wel veel bomen en een tennis court, ik heb de hele bovenverdieping voor mij alleen inclusief 3 logeerkamers en balkon met zeezicht. Maar best van al: ze zijn begripvol en niet al te strikt op de regels. Ze hebben al tientallen exchange students in huis gehad en weten wat wij willen en hoe wij denken. Hoera!

Vreemd genoeg was er al die vakantie-tijd minder te doen dan tijdens het schooljaar, en ondanks mijn plannen waren er redelijk wat empty spots. Niet dat "niks doen" in deze omgeving zo onaangenaam is: een boek lezen in de hangmat, gitaar spelen op het strand voor de deur, pool of tennis spelen met de buren, een paar parties met de mates van school, dagje surfen (hoewel dat moelijk is nu de surfstranden op 30-35km zijn), ... Maar af en toe heeft ne mens gewoon actie nodig. Na Kertsmis bij 35 graden te hebben meegemaakt besloot ik dat ik ff genoeg had van Busso en ben ik 3 dagen in Perth gaan wonen bij mijn Braziliaanse maat Breno die niet toevallig net 18 werd :)  Ik heb ontdekt dat je in feite eender waar in het land mag gaan, zolang je bij Rotary mensen verblijft. Mijn leven bestaat nu dan ook uit op en neer pendelen van Busso naar the City, waar ik bij het gastgezin van andere exchange students blijf maffen. De meeste Brazilianen en Italianen zijn net naar hun land teruggekeerd, dus er zijn veel goodbye parties geweest in Perth de laatste tijd. En elke keer gebeurt er wel iets dat het busticket de moeite waard maakt! Een opeenvolging van in- en uitpakken, zo heb ik mijn vakanties graag.

Verder heb ik 3 dagen ik Kalgoorlie doorgebracht met Artur (Germany) en Emilie (Switzerland) die daar wonen. Ik heb medelijden met hen. Waarom? Zoek Kalgoorlie maar is op op de kaart. Onze Europese definitie van "afgelegen" wordt in Australie grondig herzien! De enige bestaansreden van de stad is haar goudmijn, de grootste in het zuidelijk halfrond. Ze hebben daar ook de flow rider, een kunstmatige perfecte surfgolf waar ik direct fan van was. Kortom allemaal dingen die je in Europa niet ziet. Dat in combinatie met het plezante gezelschap maakte de 2x 9u rijden de moeite waard.

Oh en ik was bijna een hoogtepunt vergeten: SOUTHBOUND! Dat is een werchter-style festival in Busso maar dan op iets kleinere schaal. Ik kende amper enkele van de bands maar het ging hem meer om het gezelschap: alle maten van school waren van de partij. We zijn allemaal gaan kamperen in iemands tuin, echt graaf :)

The Post Office
Breno's goodbye party - memorabel
De Perth General Post Office verdient een eigen titel. Want het is niet zomaar een postkantoor. Meer dan een meeting point voor exchange students, het is een institutie, een thuis waar je elke dag in de holidays wel een paar vrienden kunt vinden, the place to be for whenever you're bored. We zijn al plannen aan het maken over een catch-up met exchange students in Europa. Een van de plannen is om rond te trekken en in elke stad een foto te nemen van het postkantoor, gewoon uit nostalgie :)



Geoff, Luis (brasil) en Alessandro (italy): 3 krullekoppen op strand in Margaret River

Zet u al maar schrap voor de volgende post, want er zullen straffe verhalen zijn. Tip: de titel zal beginnen met S en eindigen op YDNEY!!!